Wachten

‘Wilt u een muziekje horen terwijl de MRI draait?’, vroeg de vriendelijke radiologiemedewerkster die een minuut of 10 daarvoor naald nr. 5 in mijn lijf stak voor de contrastvloeistof. Ik ben allergisch voor veel geluid dus ik twijfelde. Haar ‘doe maar want het apparaat maakt nogal lawaai’ overtuigde me en ik kreeg tot slot een koptelefoon op mijn oren gedrukt.
Daarvoor moest ik al op mijn buik gaan liggen op zo’n manier dat mijn jongedames precies in de koffiebekertjeshouders vielen op de open onderbreking van de tafel.
Met m’n armen naar achteren langs mijn lijf en m’n hoofd op een zachte steun werd ik zo ingesnoerd dat die armen van mij nergens meer heen konden. Een gevoel van paniek overviel me. In mijn ene arm het infuus, in m’n andere hand de noodknop, een dekentje over me heen en dat ingesnoerde lijf dus werd ik zo, hoppetee, de buis ingeschoven. Weer die paniek dat ik geen kant op kon als ik dat zou willen en ik realiseerde me dat er de komende tijd wel meer zal gebeuren wat ik niet wil maar waar ik geen keus in heb.
Ach, en daar was het muziekje al. Q music. Nou vooruit dan maar, dat is in deze omstandigheden beter dan Radio 1.

Toen brak de hel los want mijn hemel wat maakt dat apparaat een ongelofelijke klere herrie! Meteen bleek de koptelefoon op standje sloom te staan want het gebonk, geschuif en gefluit was oorverdovend. Zelfs met koptelefoon op. Net toen ik dacht: ‘Ha, een leuk liedje’, brak de MRI in luid gebraak en gebonk uit en dat leuke liedje was natuurlijk al lang af voordat het weer even stil werd.
Na 25 minuten scheen alles erop te staan en werd ik er weer uit geschoven, losgemaakt, losgekoppeld en naar de kleedruimte gedirigeerd. Nu wachten tot dinsdag.

En dan zijn we meteen aanbeland bij het volgende zware onderwerp: wachten. Wat is dit zwaar zeg. Er komt steeds meer besef binnen bij me wat de diagnose betekent.
Zo besefte ik me gisteravond plotseling dat ik nu ‘één van hen’ ben. Als ik nu verhalen en foto’s van borstkankerpatiënten lees, ben ik één van hen. Doodgewone, mooie, hardwerkende, sympathieke, jonge en oudere vrouwen: mijn naam hoort nu ook in dat rijtje. En dat is zó confronterend.. daar moet ik nog even aan wennen.
Ik ben toch het een en ander gaan lezen over mijn type want maar 15% van de borstkankerpatiënten heeft deze vorm. De combinatie van mijn dicht klierweefsel en dit type ILC maakt dat MRI’s moeilijk te beoordelen zijn. En ik las ook dat chemo het niet zo goed doet op dit type en meestal je hele borst eraf moet. Bemoedigend, nietwaar? Wat dat betreft ben ik een mooi gespreksonderwerp in het MDO. Prima, overleg maar uitgebreid wat het beste scenario voor me is.
Over de behandelingen heb ik nog niet gelezen, dat heeft nog geen nut, denk ik. Eerst moeten ze maar eens kijken hoe groot of hoe klein alles is.

Mijn hoop ik gevestigd dat hetgeen de radioloog en oncoloog als eerste hebben gezien redelijk mag kloppen anders wordt het één grote shitzooi.
Maar dat is het eigenlijk al natuurlijk.